Beoordelingssysteem Turnen Dames – NTS 2013

Er zijn veel ouders die zich afvragen: hoe zit het turnsysteem eigenlijk in elkaar? Omdat er in het seizoen 2013-2014 turnsters op wed-strijden beoordeeld worden aan de hand van het vernieuwde NTS 2013, volgt hier een beknopte uitleg.

Elke vier jaar brengt de internationale turnbond (FIG) een nieuwe code uit, de KNGU past haar wedstrijdoefenstof hierop aan. Dit jaar is er een aantal grote veranderingen. De oefenstof is voor alle leef-tijdscategorieën aangepast.

Er wordt vanaf dit seizoen gewerkt met 7 leeftijdscategorieën. De categorie jeugd wordt opgesplitst in jeugd 1 en jeugd 2. Jeugd 1 krijgt voorgeschreven oefenstof, jeugd 2 krijgt keuze oefenstof. De leeftijdscategorieën zijn dan als volgt:

Categorie Turnsters geboren in Oefenstof Niveaus
Instap 2005 Voorgeschreven N1 t/m N2, D1 t/m D2
Pupil 1 2004 Voorgeschreven N1-t/m N3, D1 t/m D3
Pupil 2 2003 Voorgeschreven N1-t/m N3, D1 t/m D3
Jeugd 1 2002 Voorgeschreven N1 t/m N4, D1 t/m D3
Jeugd 2 2001 Keuze Div. 1 t/m 6
Junior 2000-1999 Keuze Div. 1 t/m 6
Senior 1998 en ouder Keuze Div. 1 t/m 6

Voorgeschreven oefenstof:
Instap, pupil 1, pupil 2 en jeugd 1 turnen voorgeschreven oefenstof. Deze is vanaf dit jaar ingedeeld in N-niveaus en D-niveaus. Alle oe-feningen zijn aangepast.
Er wordt nu bijvoorbeeld op sprong gebruik gemaakt van een plankoline, een trampoline in de vorm van een plank. Ook wordt er op brug in de hogere niveaus (de N-niveaus) een rekstok gebruikt waar je aan vast zit met bandjes. Dit is allemaal om ervoor te zorgen dat turnen veiliger wordt. De bedoeling is dat kinderen minder snel blessures krijgen en daardoor met meer plezier blijven turnen.
In de voorgeschreven oefenstof krijgen de N-niveaus een landelijke finale (N staat voor Nationaal) als hoogste finale. De D-niveaus krijgen een districtsfinale (regio zuid) of een regiofinale (Limburgs Kam-pioenschap) als hoogste finale.
In deze nieuwe oefenstof zijn alle pasjes en onderdelen die in de oe-fening zitten bedoeld als basisoefening die de turnster helpt om later een moeilijkere oefening te kunnen doen.

Beoordeling van de voorgeschreven oefenstof:
Het eindcijfer voor elke oefening is: D-score + E-score – neutrale aftrek.
Elke oefening krijgt een basis D-score, de difficulty dus de moeilijk-heidswaarde voor de oefening. In de oefening kan de turnster soms kiezen om een moeilijker onderdeel te doen. De turnster krijgt dan 0,30 punt extra bij de D-score. Ook kan de turnster soms kiezen om een makkelijker onderdeel te doen. Ze krijgt dan 0,30 punt minder bij de D-score. Als de turnster een onderdeel niet goed uitvoert kan de jury 0,30 punt aftrekken van de D-score. Zo krijg je uiteindelijk de D-score die meetelt voor het eindcijfer.
Daarbij krijgt de turnster ook een E-score, de execution, het punt voor de uitvoering. Hiervoor krijgt zij altijd 10 punten cadeau. Hiervan gaan de aftrekken van de jury af. De jury geeft bijvoorbeeld 1.00 punt aftrek als de turnster valt. Verder staat elke fout die je kunt maken (een wiebel, een krom been of een kromme arm) in een tabel met daarbij de aftrek die de jury moet geven als je deze fout maakt. Ook deze aftrek haalt de jury van de E-score af. Zo krijg je uiteindelijk de E-score die overblijft en meetelt voor het eindcijfer.
Als laatste zijn er nog neutrale aftrekken. Deze gaan van je totale cijfer af. Dit is bijvoorbeeld aftrek voor buiten de lijn komen tijdens de vloeroefening of aftrek voor een te lange balkoefening. Dit is 0,10 punt. Als je onderdelen helemaal weg laat krijg je 2,00 punt neutrale aftrek.

Keuze oefenstof:
Jeugd 2, junior en senior turnen keuze oefenstof. Deze blijft ingedeeld in divisies, maar de niveaus zoals deze waren, zijn nu verdwenen, alleen de divisienaam wordt gebruikt op wedstrijden. In plaats van senior niveau 4 turn je nu bijvoorbeeld senior divisie 3. In deze niveaus is niet veel veranderd ten opzichte van de oude oefenstof.
Divisie 1, 2 en 3 krijgen een landelijke finale, divisie 4 en 5 een dis-trictsfinale en divisie 6 krijgt een Limburgs Kampioenschap als hoog-ste finale.

Beoordeling keuze oefenstof:
Ook bij de keuze oefenstof is je eindcijfer D-score + E-score – neu-trale aftrek.
De D-score (difficulty dus moeilijkheidsscore) bestaat uit verschillen-de onderdelen: de turnsters in dit niveau krijgen voor elk onderdeel dat ze doen een aantal punten. Voor een radslag op de balk krijg je bijvoorbeeld 0,10 punt, voor een arabier op balk 0,20 punt.
Daarbij zijn er op brug, balk en vloer 5 eisen waarvoor de turnster 0,50 punt krijgt. Bijvoorbeeld het maken van een draai op 1 been op de balk.
Nieuw dit jaar is dat je in alle niveaus bonuspunten kunt verdienen door twee onderdelen meteen na elkaar te doen. Per niveau staat precies omschreven voor welke onderdelen je bonuspunten krijgt.
Als je al deze punten bij elkaar optelt krijg je de D-score van de turn-ster.
De E-score werkt hetzelfde als bij de voorgeschreven oefenstof.
De neutrale aftrekken zijn bijna hetzelfde. In de keuze oefenstof kun je geen onderdelen weg laten, maar als je te weinig onderdelen turnt dan krijg je 4,00 punt neutrale aftrek.

Meer informatie over het vernieuwde NTS 2013 is te vinden op http://www.kngu.nl/nl/club-en-sporter/sportaanbod/turnen-dames/nts-2013.aspx